Home > festival, gezien > Gezien: Let’s Get Lost 2014, Zwolle

Gezien: Let’s Get Lost 2014, Zwolle

P1340280Zaterdagavond was de derde editie van het Let’s Get Lost festival in de binnenstad van Zwolle, aangevuld overigens door een gratis toegankelijke set akoestische optredens van een aantal bands in de middag. Ik werd vooral aangetrokken door een aantal interessante namen op het affiche. Het festival biedt misschien kleine acts voor de doorsnee mens, maar ze zijn zeker groter in de verbeelding van de wat muzikale fijnproever. Strand of Oaks bijvoorbeeld, dat een dag eerder nog in Bitterzoet in Amsterdam stond, of Peter Broderick, Broeder Dieleman, Sticky Fingers of zZz. Maar de voornaamste reden om eens die kant op te rijden was Electric Eye. Die band heb ik eerder moeten missen tijdens b.v. Down The Rabbit Hole, Incubate, en Eurosonic begin dit jaar, simpelweg omdat ik daar niet aanwezig was. Fijne schop onder de kont was dat ik een entreekaartje (eh.. polsbandje) won via een prijsvraag van muziekblog Kicking the Habit. Reuze bedankt nog, want het festival in Zwolle bleek spannend geprogrammeerd, gemoedelijk en uiterst sfeervol.

Let’s Get Lost is een muziekplatform, waarbij mooie bands/acts geprogrammeerd worden op niet alledaagse plekken, zo lezen we op hun site. Niks gelogen blijkt achteraf. Van doorgerookte studentikoze bovenzaaltjes tot mooi gestileerde moderne architectuur. Diverse mooie bands dus op fijne locaties in de binnenstad van Zwolle. Moet je wel zorgen dat je niet verdwaalt, ook al moedigt de naam van het festival dat aan. Misschien refereert de naam van het festival beter naar het je laten verdwalen, ontdekken en jezelf te verliezen in nieuwere kleinere aansprekende bands in een fijne ambiance.

Ik ken de binnenstad van Zwolle bijzonder slecht, dus het is al een aardige uitdaging om niet te verdwalen en alle locaties goed te vinden. Ik ben met de auto (er werd aan het spoor gewerkt dus de trein was geen handige optie) en ik parkeer maar gewoon vlakbij HalfLaf Ateliers (oud pand van Leen Bakker) richting de binnenstad. Echter, als ik de garage (aan de andere kant) uitloop ben ik gelijk compleet gedesoriënteerd. Stik! Nu toch al echt verdwaald. Maar goed, ik zie een loopbrug en die staat op de kaart en zodoende weet ik toch nog redelijk vlot bij HalfLaf het polsbandje te scoren. Daar is Money & The Man (vervanging van Shiny Darkly) begonnen aan een luide soundcheck, dus is het lastig mezelf verstaanbaar te maken, maar wat geeft het. Mooie locatie zo te zien, maar ik loop toch maar eerst eens richting Hedon voor de eerste band van de avond.

Gelukkig weet ik de route snel te vinden, al is dat voor een deel op gevoel. Wel handig dat als je een gracht tegenkomt gelijk weet waar je ongeveer bent. Wat betreft de afstanden tussen de verschillende locaties valt het mee. Veel meer dan 5 tot 10 minuten lopen ben je doorgaans niet kwijt. Twee grachten over en het poppodium is al in het zicht. Hedon is na een verbouwing begin dit jaar weer geopend en heeft een grotere capaciteit gekregen, interessant om eens een kijkje te nemen. Voor het poppodium vormt zich al een behoorlijke rij, maar ik ben al gelijk verward of die nu echt voor het festival is. Veel jonge mensen ook. Pas als er ergens aan de zijkant een deur open gaat met een “Let’s Get Lost”-poster en daar mensen naar binnen lopen zie ik dat ik inderdaad verkeerd sta. Vlug glij ik mee naar binnen.

In het theatercafé aldaar staat het Amsterdamse Gosto klaar om te beginnen. Met zoveel bands in korte tijd is het risico groot dat er een hoop overlapt, en zo mis ik dus nu Cloud Boat in de Statenzaal, maar je moet kiezen. Echt spijt heb ik er eigenlijk ook niet van, al is dit genre niet direct iets waar ik verstand van claim te hebben. Dat maakt het echter ook wel weer spannend. Krullenbol Roel Gosto Vermeer is een zanger, multi-instrumentalist, songwriter en producer, zo lezen we via het programmaboekje. En een uitstekende zanger, concludeer ik gelijk maar even. Het geheel klinkt helder en ruimtelijk, met flarden lounge, soul, funk, triphop en jazz. De gitaar brengt subtiele laagjes aan op het geluid en Vermeer zelf gooit er bijzondere elektronische elementen in via zijn stem of synthesizergeluiden uit een klein kastje. Bijzonder ook is de knappe invalbeurt van de bassist die de originele bassist vandaag vervangt, en het repertoire snel moest leren kennen. Referenties uit het boekje zijn o.a. Flying Lotus, James Blake, Thom Yorke en Jeff Buckley, en zelf vind ik het ook een klein beetje hebben van Long Arm (maar dan met zang uiteraard). Een fijn en relaxt begin van het festival.

Gosto

Gosto

Eenmaal weer buiten is de rij voor de grote zaal van Hedon nog steeds groot. Achteraf lees ik dat Chef’s Special daar in een uitverkochte zaal mag optreden. Aha, vandaar. Ik ga maar eens op zoek naar De Harmonie, en doe de naam van het festival weer eer aan als ik het zo gauw niet kan vinden. Ik loop dan ook op de Grote Markt precies verkeerd om de grote kerk aldaar. Uiteindelijk valt me oog dan op een rijtje mensen buiten en een pamflet van het festival. Eenmaal binnen komen de geuren van het restaurant op de begane grond je dik tegemoet, maar wij moeten boven wezen. Een kleine gang door en de trap naar boven kom je op de bovenverdieping van De Harmonie, waar Strand of Oaks zo zal gaan spelen. Bij aanvang is het behoorlijk druk daar, en dat is niet gek, Strand of Oaks is een van de smaakmakers van het festival, het laatste album HEAL is dan ook goed ontvangen door diverse toonaangevende media. Zanger/gitarist Timothy Showalter is met zijn lange haar, grote baard en lelijke tattoo op zijn bovenarm een ruige verschijning, maar zijn muziek glijdt meer richting een ‘ruwe bolster met blanke pit’. Na Amsterdam is dit optreden in Zwolle voorlopig de laatste in Nederland, aldus de zanger, die veel interactie zoekt met het publiek en vooral uitgelaten lijkt te zijn dat het zaterdagavond is. Dan moet het wel goed komen. Showalter stond al wel eerder in Nederland met alleen een drummer, maar vanavond heeft hij hulp van een bassist en toetseniste. Na een uitgebreid voorstelrondje waarbij alle bandleden meerdere veren in de achterste worden gestopt, spreekt hij ook nog even de hoop uit dat de drummer niet zo beestachtig speelt dat hij uit het raam achter hem valt (hij zit daar inderdaad vlakbij). Muzikaal klinkt de muziek als oude rock, beetje roots-achtig, met een flinke lik melodie (met name vanwege de smeuïge synthesizer) ondersteund door puntige, bijna droge drums. Showalter is geen nachtegaaltje met z’n rauwe strot maar zingt hier ruw en ingeleefd. Goede kans dat een verdere doorbraak in het verschiet ligt voor deze band, al loopt de zaal toch wat leger tegen het einde.

Strand of Oaks

Strand of Oaks

Dan moet ik weer een vervelende keus maken en dus laat ik Peter Broderick schieten voor de band die ik absoluut niet wilde missen. Het Vliegende Paard is snel gevonden al moeten we even wachten tot we naar de eerste verdieping mogen in dit studentikoze café, want Electric Eye is nog bezig met een soundcheck. Het smalle zaaltje staat dan al propvol bij aanvang, maar tijdens het eerste en furieuze “6 am” loopt de zaal alleen nog maar voller. De aandacht voor een goede soundcheck legt geen windeieren, het geluid staat knoeperthard, maar zeer helder. Ondanks de vele effecten knalt het als bezetene. Geen moment mis ik de zang daar (alhoewel ze wel kleine stukjes zingen af en toe), want ze laten hun gitaren wel spreken. Opvallend is de enorm strakke drums in combinatie met de dwingende bas, een must in dit soort genres, en bijzonder goed uitgevoerd hier. De licht-houterige frontman is erg druk met z’n effect-pedaaltjes, maar is geen frontman die alle aandacht opeist. Alles staat in het teken van een optimaal bandgeluid. Psychedelische uitgesponnen rock op z’n best. Na het eerste “6 am” neemt de band wat meer rust en gaat het tempo omlaag gedurende de set, tot het subtiele en rustige “Electric Eye”. Inmiddels is de zaal een stukje leger geworden (het is blijkbaar behoorlijk ‘zap-publiek’ hier), maar dan missen ze wel een van de grootste uitsmijters uit de geschiedenis met een magistrale (lange) versie van “Tangerine” dat Het Vliegende Paard ongetwijfeld een heel stuk optilt. Wat een klasbakken op een paar vierkante meter. Briljant.

Electric Eye

Electric Eye

Vervolgens geef ik me ook over aan het zap-gedrag en loop even binnen in de Harmonie voor een stukje Chuck Prophet (De Harmonie is immers toch in de buurt), een Amerikaanse singer-songwriter, die hier met volledige band (The Mission Express) staat te spelen voor een mager gevulde zaal. Het genre kan me ook niet enorm boeien, hoe ervaren de heren ook zijn en hoeveel goede platen ze in het genre ze ook hebben gemaakt.

Veel andere dingen spelen er op dit moment niet, en misschien had ik beter even naar Haley Bonar moeten lopen in de Sassenpoort, maar ik breng nog even een bliksembezoekje aan Hedon, aangezien ik inmiddels ook weet hoe ik er makkelijk moet komen (nou ja, ik moest wel nog even goed op de kaart kijken welk straatje ik moest hebben). David Douglas staat daar in zijn eentje aan een hoop knopjes te draaien en een deel van de zaal danst al aardig mee op z’n lichtelijk lome elektronische beats. Een mix van electronica, house, ambient en pop, zo lezen we in de beschrijving. De bezwerende beats zijn zowel dansbaar als dromerig, en dat klopt aardig. Voor liefhebbers van Caribou, Röyksopp, Apparat en John Talabot. Leuk voor eventjes, maar ik moet de laatste keus maken. Ga ik toch naar zZz, altijd leuk op opwindend, maar toch al vaker gezien? Nee, laat ik maar naar Mountain Bike gaan, die klonk nog wel aardig in de voorbereiding, en dan kies ik toch graag voor iets dat ik nog niet live heb meegemaakt.

Ik twijfel dan nog wel even, want het is nog enorm rustig  in de knusse bovenzaal van Het Vliegende Paard. Als de band opkomt staan er misschien een man of twintig te kijken, maar die zullen worden aangevuld met meer mensen in de loop van de set, en – opvallend dit keer – die gaan ook absoluut niet weg. De vier heren van Mountain Bike komen op in Amerikaanse basketbal-hemdjes. Zonder broek. U zegt? Ja, blote benen in het bos! Wel met sokken en schoenen. Maar verder spelen ze gewoon in de onderbroek. Dus. Maar goed, daar zie je daar niet altijd iets van, de shirts zijn net te lang, al probeert een vrouw in het publiek nog wel een foto van onderen te maken. Muzikaal moet ik heel even wennen aan de stijl, maar dat duurt niet lang. Aantrekkelijke garagepop zou je kunnen zeggen, met gouden akkoorden en pakkende melodietjes verweven met dik fuzzende of luid psychende gitaren. Zo begint een nummer vaak best lullig, maar heel toegankelijk (een beetje punkig zelfs), maar de band komt daar in dat kleine zaaltje vooral op stoom als de bas in de overdrive gaat en de gitaristen in de vol fuzzende/gierende/psychedelische stand gaan staan. Niet zelden klinken dit soort instrumentale intermezzo’s als voortdurende sonische explosies. Het geluid staat dan ook wel weer erg hard en vet, met een glansrol voor de gitarist op links die zijn gitaarloopjes verschrikkelijk fijn en nonchalant staat te spelen, alsof het hem totaal geen moeite kost. Knap dus, niet alleen de rondzingende gitaren met die fijne boost van de basgitaar, maar ook die gouden popsongs, waar menig bandje toch jaloers op zal zijn, gezongen door een wat kleinere (bijna Engels uitziende) zanger die soms rood aanloopt en scheel uit zijn ogen kijkt bij zijn geschreeuwde uithalen. Alleen de drums vind ik een beetje eentonig, maar goed, bands als Wooden Shjips en Blank Realm hebben dat ook. ‘Samen combineren ze de sound van Beck, Ty Segall, Deerhunter, Mikal Cronin en Grandaddy tot een verrassende cocktail van melodie en ambitie’, aldus de beschrijving, en ik hoop dat ze Mountain Bike in de toekomst ook opnemen in zo’n rijtje van gevestigde bands. Hebben ze verdiend.

Mountain Bike

Mountain Bike

Hiermee zit het er voor ondergetekende op en moet ik op zoek naar de parkeergarage waarvan ik de ingang logischerwijs even niet kan vinden, maar ik rij met een big smile terug naar huis. Leuk festival, bijzondere locaties, fijne sfeer en bovenal prima bands. Te veel op een avond eigenlijk, waardoor ik nog het nodige moest missen ook. Zwolle en de organisatie van Let’s Get Lost, u was een fijne gastheer.

Andere getuigenissen: de Stentor / Muzine.nl

Advertisements

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: