Home > festival, gezien > Gezien: Rock Werchter (vrijdag)

Gezien: Rock Werchter (vrijdag)

Na die slopende lange dag op donderdag word ik op vrijdag wakker met het zachtjes tikken van de regen op de tent. Regen? Het hele weekend is vrij onvoorspelbaar wat betreft het weer, maar we hadden toch echt gedacht het vandaag droog te houden. De regen, maar ook lamlendigheid (ja, nu al) houdt ons vandaag een beetje tegen om op tijd richting het terrein te gaan waardoor we helaas het grootste deel van School of Cool missen, maar gelukkig had ik die al wel eens eerder gezien. Als we eenmaal bij de ingang zijn aangekomen staat daar dus wel ineens een wat grotere rij dan normaal. Blijkbaar gaan we altijd mooi op tijd en worden de rijen pas echt gevormd nadat de eerste bands zo’n beetje al zijn begonnen.

Gelukkig loopt het lekker door (brede ingang, veel poortjes, snelle controle, fijn dus) en horen we nog nog de laatste tonen van School of Cool (het eighties-achtige “Warpaint” en het vrolijke folky “New Kids in Town”). De band won in 2010 nog de Belgische competitie Humo’s Rock Rally en dat staat voor mij wel garant voor een portie goede muziek. Het klinkt buiten de tent toch minder dan toen ik de band in de zaal zag, als voorprogramma van Roosbeef. Die beleving is natuurlijk ook afhankelijk van waar je staat, al is het maar omdat het geluid niet in volle glorie te horen is buiten de tent (ook op plekken binnen de tent trouwens). Daarbij moet School is Cool het vooral van die warme gloedvolle sound hebben. Vooral de nieuwe ‘The Barn’ heeft overigens last van de wisselende geluidskwaliteit (bij de Pyramid hangen er nog boxen buiten en een videoscherm, al is die tent kleiner). Maar het moet gezegd worden dat de geluidsmix van constant hoog niveau is dit weekend,  doorgaans beter dan dat ik gewend ben van andere festivals. (setlist)

In de andere tent begint dan de Amerikaanse band Eastern Conference Champions die volgens de beschrijving gevoed wordt door Britse voorbeelden als Air Traffic, Coldplay en Snow Patrol. We kunnen vrij makkelijk doordringen tot diep in de tent en gaan er maar eens goed voor staan. Wat bij aanvang dan direct opvalt is dat de zang in het begin verre van vast is (ja het is nog vroeg) en dat er een vrouwelijke gitariste te zien is. Altijd goed tussen al die testosteron mannetjes. Vriendelijke dame trouwens die zichtbaar geniet van het optreden. Toch pakt de muziek niet over de gehele linie. Ook hier komen weer een hoop lome rocksongs langs die je gedachtes doen afdwalen naar het volgende biertje. Zou ik niet eens wat moeten eten ook? Pas als ze de scherpe randjes meer gaan opzoeken in het tweede gedeelte van het optreden begint het een beetje te lopen. Naast een pakkend uptempo nummer overtuigt “Million Miles an Hour” doordat het heerlijk door gitaren is ingekleurd. Als op het einde alle bandleden mee gaan drummen is het eigenlijk al te laat, maar ze redden alsnog de eer met deze actie. Kan nog groeien deze band, of we horen er nooit meer wat van.

Eastern Conference Champions

Voor wat betere songs en de echte bravoure moeten we toch naar Miles Kane, die je nog kan kennen van het in 2009 opgedoekte The Rascals, maar hij wist ook wel een aardig potje te raken met Alex Turner (Arctic Monkeys) in The Last Shadow Puppets. De Brit stond ook op de afgelopen editie van Lowlands en daar deed hij het best goed als ik me de recensies kan herinneren, dus voilà. Een herkansing. En hij staat zijn mannetje. Niks overdreven maar zelfverzekerd draagt hij het optreden waaruit blijkt dat hij het met zijn eigen band gewoon ook goed af kan. “Rearrange” is de opener van de set en hops, daar heeft hij de tent in zijn zak. De slimme composities doen mij wel wat denken aan ‘Oasis meets Arctic Monkeys’ maar dat kan niet storen. Miles Kane heeft gewoon prima songs en live wordt dat netjes aangevuld door goede drums en fijne synthesizers. Miles Kane bezweert het publiek en dat publiek gehoorzaamt.”My Fantasy” halverwege de set is eigenlijk jammer, het rustige nummer past niet echt in de set als het publiek net in het zweet is gezet. Achter valt een rolstoeler dan ook letterlijk in slaap. Maar goed, met een vrolijk lolly-pop nummer als “Quicksand” krijg je iedereen wel weer aan het dansen. Naast – uiteraard – veel nummers van het album Colour of The Trap van vorig jaar (die moet ik maar eens vaker opzetten) horen we nog een cover van Jacques Dutronc (“The Responsible”) en Tom Jones (“Looking Out My Window”). Uitstekend optreden verder. U dacht dat Kane niet om aan te horen is? Deze Kane wel zeker en vast. (setlist)

Miles Kane

De Amerikaan Mike Hadreas, oftewel Perfume Genius moet wel een enorm depri mannetje zijn of op zijn minst erg gevoelig en kwetsbaar. Het iele mannetje zit schuchter achter zijn piano en zo te zien kruipt hij het liefste stilletjes weg na elk applaus. Verlegen tot en met, soms zichtbaar ontroerd door de reacties uit het publiek en dat is enorm aandoenlijk. Hij zingt over de grootste onderwerpen uit zijn leven en is in die zin juist enorm openhartig. Als je er voor open kunt staan kun je zijn muziek omarmen, ondanks dat het ook wel een beetje te dweperig wordt soms. Maar vooruit,  naast al die standaard rockbandjes is dit bijzonder, ingetogen en subtiel. En dat hij zo overeind blijft in deze grote tent is ook te danken aan het publiek dat redelijk stil blijft. Toch mooi dat dit soort artiesten ook op Rock Werchter worden geprogrammeerd, net zoals het het intieme spel van Agnes Obel een dag later. (setlist)

Perfume Genius

En weer terug naar de tent waar het even wachten is op Katzenjammer. Juist ja, een Duitse naam voor een Noorse groep. De band was al veel vaker te bewonderen geweest in Nederland en zo had ik de schone dames al eerder kunnen bewonderen op Lowlands en in Doornroosje. Veel verrassingen zijn er dan niet, al is het kapsel van Marianne Sveen altijd even afwachten. Nog altijd is het een leuke mix van folk, balkan, swingjazz, hoempa, polka, circusmuziek, country, zeemansliederen en eh… eh.. zo voorts. En het blijft bewonderenswaardig hoe de vier dames sneller dan Usain Bolt van instrumenten wisselen zodat elk nummer wel weer een andere bezetting heeft. Ze kunnen allen dan ook prima spelen en zingen, maar ook de samenzang is indrukwekkend. Natuurlijk spelen ze dan ook van het laatste album A Kiss Before You Go, maar toch zit gemiddeld meer pit en vrolijkheid in Le Pop als je het mij vraagt. Bij tijd en wijle pakken ze die feestelijke muziek gelukkig op (“A Bar in Amsterdam”, “Der Kapitän”) waardoor de tent zo af en toe heerlijk ontploft tot een vrolijk dansende massa. Werchter had zin in een feestje? Dat krijgt het. (setlist)

Katzenjammer

Genoeg op dat achterveld rondgelopen. We lopen richting het hoofdpodium waar later Jack White zal optreden en we zoeken een plekje op aan de zijkant, een stuk naar voren.  Jack White is ongetwijfeld het bekendste met zijn – inmiddels opgedoekte – band The White Stripes, maar ook  The Raconteurs en The Dead Weather. Je zou haast gaan denken dat Jack White solo ook The Jack White zou moeten heten, maar dat is een slechte grap. Het eerste solo-album Blunderbuss dat dit jaar verscheen had ik nog bijzonder weinig geluisterd, dus een mooie gelegenheid om het allemaal eens live te aanschouwen. Jack White verschijnt met een witte hoed en dit keer heeft hij de ‘herenband’ meegenomen, dus zien we de ‘vrouwenband’ niet die hij ook achter de hand schijnt te hebben (ligt aan zijn humeur lees ik ergens). Goed, dat maakt weinig uit, de band is prima en Jack White speelt uiteraard uitstekend op zijn gitaar. Maar dan toch. De bluesrock is in de eerste helft van het concert – gemiddeld genomen – redelijk ongevaarlijk, zeker als er nogal wat van die countrylicks in worden gegooid. Vast prima gespeeld, maar ik raak er vandaag niet aan verslingerd. Dat vuige van de White Stripes komt eigenlijk wat weinig terug in het geluid naar mijn smaak, maar misschien heb ik mijn dag niet. De tweede helft bevalt me beter, maar zelfs het afsluitende en überbekende “Seven Nation Army” van The White Stripes klinkt in mijn oren niet zoals het hoort – te veel distortion op de gitaar tijdens die beroemde begintonen – en ja, dan vind ik mezelf ook wel een beetje een kniesoor, terwijl de rest van het veld uit zijn dak gaat. (setlist)

Jack White

Vervolgens worden we een beetje recalcitrant, of noem het ramptoerisme. Er is al van alles gelezen en gehoord over Lana Del Rey en dan is het moeilijk om de verleiding te weerstaan om daar even te gaan kijken. De dame die vroeger nog een gewoon zingend buurmeisje was, maar nu met opgespoten lippen een dijk van een radiohit in de wacht wist te slepen met “Video Games”. Stiekem vind ik dat nummer wel wat hebben, maar dat heb je niet gehoord. Goed, dan heb je dat ene nummer maar wat we verder van haar horen is eigenlijk meer van datzelfde rustige geneuzel waardoor er wat weinig variatie zit in haar optreden. Nou goed, ik dacht dat ze blond was en ik had ergens gelezen dat ze vals zou zingen live en onwennig op het podium zou staan. Opvallend dus om haar met donker tot zwart haar op het podium te zien verschijnen terwijl ze gewoon zuiver zingt en vrij snel half in het publiek gaat hangen om daar een deel van een nummer te zingen. Verrassend dan toch, slecht is het absoluut niet (dat strijkorkestje is ook best goed), maar verder heeft het ook wat weinig om het lijf. (setlist)

Lana Del Rey

Goed, dan snel door naar dEUS want dat is heel vaak heel goed live en het is gewoon ook de beste rockband van België als je het mij vraagt. Ze heten niet voor niks ‘God’. Oei, ze spelen een favoriet nummer van me, dus we lopen snel door om nog even dat lekkere stuk mee te pakken van “Instant Street” waarna de band die andere favoriet van me inzet: “Fell Off The Floor Man”. Met “Quatre Mains” gaan ze dan naar het recent (en overwachts) verschenen nieuwe album “Following Sea” waarin Barman zo lekker Frans brabbelt. Leuk nummer toch. “Dark Sets In” van het vorige album klinkt lekker vol op het veld, ook al staan we wat ver naar achteren. En zo komen er fijne nummers voorbij van de laatste twee albums, maar worden een aantal oudere klassiekers ook niet overgeslagen. Als laatste nummer wordt aan iemand in het publiek gevraagd wat hij wil horen. Een beetje voorspelbaar wordt dat dan “Suds en Soda” maar we zijn wel een uitstekend concert rijker op deze editie van Werchter. dEUS is nog steeds in vorm en de nieuwe nummers doen het goed live. Heerlijke band. (setlist)

dEUS

We zijn echt eigenwijs vandaag, maar ik heb het ook wel even gezien met al die standaard rockbandjes. Dat gaat deels ten koste van Pearl Jam, maar het kan me niet bommen. Bat For Lashes staat in ‘The Barn’ tent en daar ben ik toch ook wel benieuwd naar, uiteindelijk is er op deze editie van Rock Werchter met die extra tent ook wat meer nieuws te ontdekken. De Britse singer-songwriter Nastasha Khan is een goedlachse muzikale dame die een aangename sfeer neerzet in de tent en bij de tracks waar ze zelf niet speelt lichtvoetig dansend over het podium dwaalt. Haar zang wordt wel vergeleken met Tori Amos, Kate Bush of PJ Harvey (aldus de beschrijving) en dat klopt aardig. Ze heeft een aangename stem, al mag ze nog wat meer variëren in toonhoogte. En laten we wel wezen, haar haar en haar kleren zijn vandaag wel een beetje tuttig hoor. Maar goed, dat is aankleding. Vooral de rustige nummers (op piano bijvoorbeeld, zoals “Moon & Moon”) weten mij wel in te pakken. Verder wordt er mooi gebruik gemaakt van allerlei elektronische apparatuur en ook de theremin komt er prettig tussendoor in “Horse and I”. Bij de wat meer uptempo nummers mis ik wel wat pit, maar het heeft allemaal wel iets aparts. Het afsluitende “Daniel” had trouwens een basloopje dat ook zomaar van The Cure had kunnen zijn. Enfin. Bat For Lashes is soms lekker eigenwijs en bij vlagen aangenaam. (setlist)

Bat For Lashes

Terug naar het hoofdpodium waar Pearl Jam al is begonnen. Met deze bekende grungeband uit de jaren negentig kun je moeilijk een buil vallen. Still going strong, altijd goed. Pearl Jam heeft er net twee dagen Ziggodome in Nederland opzitten en staan vandaag dus op het programma van Rock Werchter, net zoals in 2010 overigens. We komen wat later binnenvallen zo rond “Even Flow” en er staan er wel meer van die klassiekers van het album Ten op het programma. Natuurlijk, dit album blijft ongeëvenaard en eerlijk gezegd heeft de band daarna vooral meer van hetzelfde gedaan. Niet slecht ook, maar het maakt een concert wel redelijk voorspelbaar wat mijn betreft. En hoeveel verschilt het nu van het concert van twee jaar geleden op hetzelfde podium? Vooruit, de band is in vorm en we krijgen een prima show voorgeschoteld. Eddie Vedder hijgt nogal tijdens zijn praatjes tussendoor, maar is niet te beroerd om van boxen te springen (niet té hoog hè), of hij rent over het podium en later in de set zoekt hij de paden op tussen de voorvakken en geeft iedereen een handjeklap. En die slok rode wijn had nog nooit zo lekker gesmaakt volgens Eddie, maar waarom hij later uit een fles witte wijn (of rum?) lurkt wordt dan niet duidelijk. Goed. Randverschijnselen. De hits komen voorbij, met uitzondering van “Black” maar zo’n band moet daar ook poep aan hebben wat mij betreft. “Spin The Black Circle” wordt opgedragen aan het platenlabel Jack White (jawel, die stond hier eerder vandaag), oftewel een ode aan het zwarte vinyl. “Rockin’ in the Free World” is echter wel een beetje een flauwe Neil Young cover hoor, waarbij ook nog een jongetje het podium wordt opgetrokken. Nou ja, ik had liever wat meer lichtshow gezien of echt verrassende wendingen, maar dan ben ik vast weer een kniesoor. (Deed die lichtshow het wel de tweede helft van de set?) En ook die “Another Brick in the Wall” zang en bijpassend gitaardeuntje tijdens “Daughter” is net iets te mager om helemaal van uit je dak te gaan. Ja, ik ben kritisch. En dan toch. Avond aan avond dit soort passie laten zien verdient dan ook wel weer respect. “Alive” voor de miljoenste keer moeten spelen, ik moet er niet aan denken. Edoch. Pearl Jam, je vermaakt je elke keer weer, maar het wil toch ook maar niet echt legendarisch worden. (setlist)

Pearl Jam – op afstandje

Na Pearl Jam is de dag nog niet voorbij. Er is zelfs nog fatsoenlijke livemuziek te bewonderen. Beirut (uit New York) klinkt met die treffende trompetten vooral als een slow-Balkan feestje dat lichtjes doet heupwiegen maar uiteraard niet zo’n feestende bende wordt als een Shantel dat kan. Maar aan de andere kant is Beirut dan ook wat verfijnder en zeker geen hoempa-feestband. Balkan muziek klinkt met Beirut ronduit weemoedig of melancholisch. Volgens de beschrijving is Zach Condon vooral in contact gekomen met Oost-Europese volksmuziek van mensen als Goran Bregovic en Boban Markovic en en het is te waarderen dat hij dus die sombere kant brengt, al is er altijd wel ruimte voor gepaste dansbewegingen. Jammer eigenlijk dat de zang niet echt overtuigend is en bij vlagen echt onvast, maar goed, ik hou van trompetten en dat maakt het wel goed. Buiten de tent horen we het verder tevreden aan.

Met Deadmeau5 hebben we vervolgens wat te weinig op het  grote veld. Goed. Het zijn dancebeats, je kunt er op dansen, het is vast goed in het genre, maar het blijft wat ons betreft wat te veel hangen in dezelfde beats om er echt heel warm van te worden. We zijn immers ook geen liefhebbers van dancefestivals. We gaan terug naar de camping en kunnen daar de rest van het optreden nog aardig volgen. Morgen weer een dag.

Advertenties
  1. Nog geen reacties
  1. 18 maart 2013 om 23:48

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: