Home > geluisterd > Geluisterd: Oceansize – Self Preserved While The Bodies Float Up

Geluisterd: Oceansize – Self Preserved While The Bodies Float Up

Toen ik de hoes zag van de nieuwe Oceansize gingen mijn wenkbrauwen vanzelf omhoog. Wat zien we hier nu? Het naakte lichaam van mevrouw Weerwolf? Er zit vast een logisch verhaal achter. Maar ik nomineer het voor de lelijkste hoes van het jaar. Self Preserved While The Bodies Float Up is het vierde volledige album van de 5 mannen uit Manchester. Het album kenmerkt zich door kortere nummers dan op het vorige album Frames, wat soms wel wat te langdradig gebrei bevatte wat mij betreft. Te veel rond hetzelfde thema. Maar dat vorige album kenmerkte zich ook door het typische effect van “je moet het vaker luisteren om het te waarderen“. Vandaar toch maar een flink aantal keren beluisterd voordat ik er echt  iets over roep. En het is een behoorlijk aardig plaatje geworden met de typische ingrediënten van Oceansize. Denk aan post-rock /progressive rock, tempo-breaks, af en toe stevige gitaarriffs, prima samenzang en uitgebreide sfeervolle nummers.

En het was dus best spannend.  Frames vond ik duidelijk wat minder dan het oudere werk, en de vorig jaar verschenen Home & Minor EP bevatte echt een aantal saaie en suffe songs – slaapliedjes zelfs. Er stonden hooguit een aantal mooie filmische passages op (review hier). Oei, als dat maar goed gaat met de band, die ik toch al weer sinds 2004 volg, en redelijk vaak heb gezien. En daarom mag ik mezelf dus best een “fan” noemen. Ja dan word je kritisch. Of een oude zuurpruim die vroeger alles beter vond. Gelukkig waren de voortekenen wat beter. In W2 in Den Bosch vorig jaar werden wat nieuwe nummers gespeeld. En daar zaten wat lekkere uptempo nummers tussen die nu op het album staan zoals Build Us A Rocket Then…en It’s My Tail And I’ll Chase It If I Want To.

Het album begint met Part Cardiac, we horen een lekkere logge riff die doet vermoeden dat het met de stevige gitaren en vette productie wel goed zit. Een log en traag nummer, en het lijkt meer op een uitgebreide intro dan op een compleet uitgewerkte song. Superimposer is zo’n nummer wat bij elke draaibeurt lekkerder in het gehoor gaat liggen. Het heeft wat rare breaks en prettige koortjes. Build Us A Rocket Then… heette volgens mij eerst voluit Build Us A Rocket Then, You Rocket-Building Cunt wat natuurlijk veel leuker is. Het nummer speelden ze ook al live in Den Bosch vorig jaar. Het is flink uptempo, en bevat bovendien fantastisch drumwerk van die beestachtig goede drummer Mark Heron, die overigens ook samen met de bassist in Kong (UK) zit. Misschien wel het beste nummer van de plaat.

Groot is de overgang dan ineens naar Oscar Acceptance Speech wat ontzettend druilerig begint. Het doet me gelijk denken aan de Home & Minor EP. Suffig. Zit niks in. Hier begint me op te vallen hoe de zang en de koortjes soms bij Oceansize net niet helemaal lekker passen op de melodie. Té tegendraads. Na 1 minuut 23 komt de piano er ineens in – een verrekt lekkere en interessante wending, om vervolgens al weer snel wat dreinend verder te gaan. Gelukkig horen we nog wat lekker prikkelend gitaarwerk  – maar het moddert een beetje rond hetzelfde thema.  De – wat lange – klassieke outro is dan wel weer erg mooi. Dat had ik wellicht liever onder het hele nummer gehoord.

Ransoms is een traag nummer met van die lekkere typische postrock of shoegaze gitaarherrie er onder. Een nummer dat soms wat flauw aandoet, maar bij vlagen erg mooi om de hoek komt kijken. A Penny’s Weight heeft weer zo’n aardig koortje maar ook hier past het niet helemaal lekker in de melodie. Soms werkt dat tegendraadse, hier wringt het weer wat. Maar wel prima uitgewerkt verder.  Silent/Transparant komt ook wel heel erg laat op gang, en draait ook wat teveel rond dezelfde akkoorden. Kijk, dit nummer had ook best een stuk korter gekund.

It’s My Tail And I’ll Chase It If I Want To is echt een relatief kort, puntig, snel nummer wat vooral live lekker zal inslaan bij het publiek. (In Den Bosch kwam dit na het slaapliedje Home & Minor, dus dan is zo’n nummer daarna erg lekker). Pine en Superimposter vind ik (op dit moment) eigenlijk de beste (relatief) rustige nummers van het album die mooi uitwaaieren naar het einde toe, ondanks dat ze ook wat op gang moeten komen. Ze luisteren prettig weg als typische Oceansize songs, ze irriteren nergens, zijn mooi opgebouwd, en worden mooi ondersteund door die typische post-rock gitaar erupties (en misschien een viooltje hier en daar). Op de special edition staat dan nog Cloak wat ik een wat overbodig niemendalletje vind. Ahum.

Self Preserved While The Bodies Float Up is misschien niet het ultieme briljante album waar ik op had gehoopt, maar het biedt gelukkig wel een hele hoop goede aanknopingspunten om ook in de toekomst nog flink fan te blijven van deze band, zowel live als op de plaat. Gelukkig maar.

De 5 mannen uit Manchester spelen zondag op 10-10-10 op ongeveer 950 meter van mijn huis in Doornroosje in Nijmegen. En anders kun je ze ook nog zien in Bibelot in Dordrecht (09-10) of de Melkweg in Amsterdam (11-10).

Luister het hele album op de 3VOOR12 luisterpaal of via Spotify.

Advertenties
  1. Nog geen reacties
  1. 11 oktober 2010 om 23:58
  2. 30 december 2010 om 22:24
  3. 25 februari 2011 om 23:08

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: